|

GGO’s: WEET WAT JE EET
God schiep de wereld, water en
zee, planten en dieren. En … hij schiep de mens. God keek en zag dat het goed
was, maar…
de mens vond dat alles beter
kon. Want sommige van die planten konden niet goed tegen droogte- en andere
hadden van insecten te lijden. Dus creëerde de mens GGO's.
Genetisch gemanipuleerde
organismen - kortweg GGO's genoemd - ontstaan door een kunstmatig procédé
waarbij in een laboratorium erfelijk materiaal van het ene levend organisme
(plant, dier of bacterie) in een ander ingebracht worden. Het doel is om het
organisme snel bepaalde eigenschappen toe te kennen.
BAANBREKEND OF …
ZUUROPBREKEND
Een eerste succes werd geboekt bij papajakwekers op een Hawaïaans eiland.
De papaja is vatbaar voor het "ringspotvirus", dat overgedragen wordt door
luizen. Het werd zo erg dat boeren hun plantages moesten verlaten en uitweken
naar een ander eiland om daar helemaal opnieuw te starten mét de continue vrees
voor de ziekte. Met de biotechnologie werd het probleem opgelost: transgene - of
genetisch gemanipuleerde - papaja's bleken wel immuun tegen deze ziekte! De
Hawaïaanse boeren stonden dan ook te springen om deze genetisch gemanipuleerde
papaja te telen.
Ook de hongerproblematiek in de Derde Wereldlanden lijkt gebaat met
biotechnologie. Aan rijst - de eenzijdige voeding in vele Aziatische
ontwikkelingslanden - kan vitamine A toegevoegd worden zodat hij "gouden" rijst
wordt. Een tekort aan vitamine A (die in bepaalde vetten, zoals boter en volle
melk, voorkomt) ligt aan de basis van vele ziektes, zoals blindheid. Dankzij de
biotechnologie zou hier aan verholpen worden.
Intussen is wel gebleken dat men maar liefst minimum 3,7 kg per dag van deze
"gouden" rijst zou moeten eten om voldoende vitamine A binnen te krijgen!
Gevarieerde voeding blijkt een veel betere, duurzamere oplossing.
De biotechnologie pretendeert
ook dat planten zo kunnen "gemanipuleerd" worden dat ze zelf een pesticide
zouden aanmaken en daardoor resistent worden tegen insecten. Er zou dus minder
moeten gesproeid worden.. De fameuze "Roundup Ready Soja".
In werkelijkheid bleek de
gemanipuleerde sojavariant tot 30% meer verdelgingsmiddelen nodig te hebben
dan zijn natuurlijk broertje.
Door het aanmaken van deze
gemanipuleerde gewassen wordt de biodiversiteit – of de natuurlijke rijkdom van
gewassen zwaar aangetast. In de praktijk blijkt dat hoe meer verschillende
soorten gewassen je hebt, hoe groter de kans is dat enkele zich spontaan
aanpassen aan de omstandigheden. De natuur zélf biedt de beste waarborg voor een
rijke voedselproductie. Zulks staat haaks op GGO-toepassingen: in plaats dat
het zaad zich zou aanpassen aan klimaat of bodem, wordt dit zaad enkel en alleen
gemaakt in functie van één eigenschap (zoals resistentie tegen pesticiden) en
daardoor zal een genetisch gemanipuleerd gewas zal zich niet zelf aan veranderde
omstandigheden kunnen aanpassen.
Of wat doe je als een transgene
of gemanipuleerde plant die zelf pesticiden aanmaakt ook “nuttige” insecten
blijkt te doden? Het ecologisch evenwicht zal volledig verstoord worden en
nieuwe en vernietigende plagen kunnen de kop opsteken. Daar is dan geen kruid
meer tegen gewassen.
DE GEVAREN
De biotechnologie staat nog in zijn kinderschoenen en niemand -
ook de wetenschappers niet - hebben enig idee van de langetermijngevolgen. Hoe
zullen genen van een andere plant, dier of mens reageren op deze "geknipte en
geplakte" genen van de GGO's? Hoe veilig of onveilig is het eten van GGO's? Dat
blijft een open en onbeantwoorde vraag.
Eén ding is alvast wél zeker :
er is geen weg terug.
Eens deze GGO's in het milieu terechtkomen via pollen en zaadjes en zich
dan met "natuurlijke" planten zullen gaan versmelten, haal je deze er niet meer
uit.
Wat gebeurt er dan als een
plant, die resistent is aan pesticiden, deze eigenschap aan een onkruid
doorgeeft? Je zit binnen de kortste keren met een superonkruid opgezadeld dat je
alleen nog maar met nóg schadelijker chemische stoffen zal kunnen aanpakken.
WEET WAT JE EET
Voor ieder voordeel dat de biotechnologie pretendeert te bieden,
staat een huizenhoog nadeel. Maar de biotechnologie is er en het ziet er ook
niet naar uit dat deze uit onze leefwereld zal verdwijnen. De Europese Unie
heeft zich gelukkig over dit probleem gebogen en nam enkele belangrijke
beslissingen omtrent de etikettering van dergelijke producten. Maar zoals altijd
vertoont ook deze wetgeving heel wat hiaten.
Eerst en vooral werd gesteld dat producten die minder dan 1 % GGO's bevatten,
als "GGO vrij" mogen verkocht worden: !? Maar ook enkel als dit kan worden
opgespoord. Voor sojamelk moet het vermeld zijn - want het is opspoorbaar - en
voor sojaolie niet: ? En over vlees, afkomstig van dieren die met GGO's
gevoederd werden wordt niets gezegd!
Kortom, de consument mag dan officieel wel de keuze hebben, in de praktijk heb
je er het raden naar of zal je op een bepaald ogenblik helemaal geen keuze meer
hebben, onder andere door natuurlijke besmetting.
HOU HET NATUURLIJK
Of je in God en de schepping gelooft of niet, één ding moet
iedereen toegeven: de natuur zit fascinerend in elkaar. Elk levend wezen heeft
zijn eigen taak en hoort thuis in een bepaald klimaat, in bepaalde
leefomstandigheden.
Het feit dat mensenhanden deze
taak en dit doel gaan ombuigen tot een meeropbrengst betekent geen vooruitgang.
En mocht God ons niet op de vingers tikken, dan doet de natuur dat vroeg of
laat wel.
Wie
alle GGO’s wil mijden,
staat voor o zo duistere tijden
Is ’t nu slim of stom;
toch zijn ze alom.
Gaan we ze ooit moeten bestrijden?
Gepubliceerd in Info-Maarkedal 01/2004
|