Globalisering?

Vorige Omhoog Volgende

De vakantie wenkt, we kijken naar de wereld: het gaat goed! Of niet?

Als we even verder kijken dan ons eigen dorp, zien we dat de wereld in feite zelf één groot dorp geworden is. We mogen dan wel met meer dan 6 miljard zijn; allerlei technische uitvindingen brengen ons dichter bij mekaar dan ooit tevoren.
Steeds meer blijken we, zonder dat we dat zelf willen, echter ook deel uit te maken van een wereldwijd economisch spel. Wist u dat bij de 100 grootste economische systemen in de wereld er 51 bedrijven zijn en 49 landen, dat bv. General Motors zwaarder weegt dan Denemarken?
En wat willen de eigenaars (zeg maar aandeelhouders) van bedrijven? Winst maken, zoveel mogelijk!
Hoe gaan die multinationals daarvoor te werk?
Wel, fabrieken waar veel arbeiders werken poten ze neer in landen waar de lonen laag liggen en de vakbonden onmondig zijn. Gaat het om vervuilende industrie dan plaatsen ze die in landen waar de regeringen het niet te nauw nemen met milieunormen. En winsten kanaliseren ze natuurlijk naar die filialen waar de vennootschapbelastingen het laagst zijn. Bedrijfseenheden die veel kapitaal vergen komen uiteraard terecht in landen waar de regeringen kwistig investeringssubsidies uitdelen (waarbij regeringen op den duur tegen mekaar opbieden).
Het sociale welzijn blijft ondertussen natuurlijk de verantwoordelijkheid van de staten zelf, en dat terwijl sommige van de allergrootste bedrijven er in slagen om helemaal geen belastingen te betalen. Dat wij mensen (werknemers) slechts een speelbal zijn is overduidelijk. Dat milieubescherming voor die grote spelers slechts een zaak van public-relations is, evenzeer.

Vrij kapitaalverkeer
Een andere ongunstige evolutie wordt veroorzaakt door het vrije kapitaalverkeer en het vrije wereldhandelssysteem. Hierdoor werd namelijk een massale speculatieve markt in munten gecreëerd. Dagelijks worden voor meer dan 70.000 miljard BEF met dollars, euro's, yens en andere nationale munten gegokt! Regeringen (zeker deze in de derde wereld) zijn niet langer opgewassen tegen deze moderne geldspeculanten. De strijd is natuurlijk oneerlijk. Regeringen moeten fundamenten bouwen met een langetermijnvisie (of zouden dat moeten doen). De speculanten trekken zich daar niets van aan en gaan voluit voor geldgewin op korte termijn.
Zo was het enkele jaren geleden 'in' om te beleggen in bepaalde Aziatische landen. Toen de economische groei vertraagde, verkochten die speculanten massaal hun aandelen met alle gevolgen van dien. Zo kwam het dat bijvoorbeeld in Zuid-Korea het aantal werklozen in één jaar verdubbelde en er 5,5 miljoen armen bijkwamen.
Een geduldige opbouw werd in enkele maanden tenietgedaan.

Zulke dingen gebeuren allemaal door een onstuitbare drang naar geldgewin. Misschien hebben we ook wel aandelen die hier toe bijdragen en zijn we op onze eigen beperkte manier medeschuldig. Is dat wel te verantwoorden? Is dat het soort wereld dat we voor onze kinderen wensen?
Laat ons daar ook eens over nadenken, als we straks tot de fortuinlijken behoren, die ergens in een ver (arm) land kunnen liggen zonnen.

Een speculant uit oosters Japan
verraste de Belgen met een plan.
Vergeet de mensen,
negeer hun wensen;
zodat je steeds rijker worden kan.

Gepubliceerd in Info-Maarkedal 06/2001